De fee en de zeeleeuw

Sprookjes bestaan niet, maar de Galapagos komen er dicht in de buurt.

Voor de film Jurassic park is ooit een speciaal soort leguaan gekweekt. Toen de opnames voorbij waren, zijn ze op deze eilanden gedumpt. Ze lopen met hun zwarte koppen met plastic hanenkam langs de pinautomaat. Elke half in het water liggende rots zit vol rode krabben, een laag overvliegende pelikaan slaat met zijn vleugel in mijn gezicht. En de overdosis aan zeeleeuwen (het Dolfinarium had er een paar te veel uitgebroed) verspreidt zich over vissersboten en havens. Het laatste stukje broodnodige schaduw op het strand is ingepikt door een familie zeeleeuwen. Als je in de buurt komt, gaan ze rechtovereind zitten en beginnen te loeien. Terwijl ze je in zee niet met rust laten, dan willen ze met je spelen.

Er was eens een man, Darwin heette hij. Hij ontdekte dat je op zo’n grote schildpad niet alleen kon rijden, maar dat je ze ook prima kon eten. Legio zeelui volgden hem. Ze leefden lang en zo hadden de schepen nog lang vers vlees aan boord. Tot er op een dag een goede fee kwam en het voor de schilpadden op nam. Diegenen die nog niet uitgestorven zijn, worden geplant en weer uitgezet.

We snorkelen en duiken in het onrustige water, fotograferen flamingo’s op verlaten stranden en rijden paard langs een paar reuzenschildpadden. We worden duizend maal door muggen gestoken, achtervolgen met de onderwatercamera een zwart tip rifhaai, eten ijs en wonen een week lang in de dierentuin. Een dierentuin zonder tralies.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *